Red Bull Powertrains werd voorafgaand aan het nieuwe Formule 1-seizoen gezien als mogelijk één van de minder sterke motorfabrikanten. De reden hiervoor is het feit dat het bedrijf pas in 2022 is opgestart en veel minder ervaring heeft in het ontwikkelen van krachtbronnen dan de concurrentie.
Fabrikanten als Mercedes, Ferrari, Audi en Honda hebben alle vier al tientallen jaren ervaring in het ontwikkelen van motoren. Audi misschien dan niet met F1-motoren, maar uiteraard wel in de normale autoindustrie. Het was voor Red Bull dan ook duidelijk dat zij het nieuwe jaar met een achterstand zouden beginnen - iets dat teambaas Laurent Mekies ook al duidelijk maakte aan Max Verstappen.
Maar tijdens de testdagen in Barcelona, de eerste week waarin de 2026 F1-motoren écht getest werden op het circuit, bleek dat de krachtbron van Red Bull Powertrains helemaal niet zoveel opstartproblemen had als gedacht. Sterker nog, de motor waar Max Verstappen in 2026 gebruik van maakt kon meekomen met de meest ervaren partijen van het veld.
Over de gehele testweek wisten de Mercedes-motoren de meeste ronden af te leggen. De krachtbron uit Brixworth, ontwikkeld door Mercedes High Performance Powertrains, ging in totaal 1134 keer over het Circuit de Barcelona-Catalunya heen. Maar men mag niet vergeten dat Mercedes aan drie teams motoren levert: het fabrieksteam van Mercedes, McLaren en Alpine. Dat betekent dat de Duitse krachtbron - gebouwd in Groot-Brittannië - per team gemiddeld 378 rondjes heeft gelopen. Een keurig aantal.
Ook bij Ferrari ging de eerste testweek voortvarend. De Italianen gingen met hun motoren 991 keer in de rondte, maar ook bij Ferrari worden er drie teams aangedreven: het fabrieksteam van Ferrari, Haas en Cadillac. Laatstgenoemde wist niet al te veel ronden te rijden in de test, maar Ferrari en Haas wel. Hierdoor kwam het gemiddelde aantal ronden van de Ferrari-motor op 330 stuks te liggen.
En dan blijkt dat de krachtbron van Red Bull Powertrains - dat alleen aan Red Bull Racing en Racing Bulls levert - zéér knap mee wist te komen met deze twee ervaren fabrikanten. De RBPT-motor raasde in totaal 624 keer over het Spaanse circuit, maar dit getal hoeft maar door twee teams gedeeld te worden. Per team levert dit een gemiddelde op van 312 ronden - wat zéér sterk is voor een nieuwkomer op het F1-veld.
Audi en Honda bleven duidelijk wat achter, waarbij vooral de Japanse fabrikant problemen leek te hebben. Audi, dat alleen het fabrieksteam van Audi motoren levert, wist 240 rondjes te rijden met de 2026-krachtbron. Honda, dat vanaf dit jaar samenwerkt met Aston Martin, wist in totaal maar 66 keer in de rondte te gaan. Aston Martin kwam echter eigenlijk alleen de laatste dag écht in actie, aangezien de auto van Adrian Newey zéér lang werd doorontwikkeld.
Lees het artikel op de mobiele website