Volgens Ralf Schumacher merkt Red Bull in 2026 nog altijd de gevolgen van het feit dat er de laatste jaren veel mensen zijn vertrokken bij het Oostenrijkse team. Door de machtsstrijd tussen Christian Horner en Helmut Marko, welke in 2022 begon, zijn veel topmensen opgestapt bij de renstal uit Milton Keynes. Dit heeft ze in 2024 en 2025 al flink pijn gedaan.
Onder andere CTO Adrian Newey, teammanager Jonathan Wheatley en hoofdontwerper Rob Marshall zijn de laatste jaren vertrokken bij Red Bull en hebben nu hooggeplaatste functies bij concurrenten van het team van Max Verstappen. In 2024 kon de Nederlander deze vertrekken nog maskeren, door het F1-kampioenschap te winnen, waarna hij in 2025 puur door zijn klasse ook in de buurt kon komen van de titel.
Dit jaar lijkt dat kampioenschap héél ver weg - waardoor Verstappen op dit moment niet eens over een zege in 2026 wil nadenken. En Ralf Schumacher weet wel waarom er zoveel problemen zijn bij het team van Laurent Mekies. Red Bull voelt nog steeds de pijn van de vertrokken ingenieurs de afgelopen jaren.
"Je betaalt nu de prijs voor het verlies van een aantal mensen in het team", zegt de voormalig F1-coureur over de problemen bij Red Bull in China. "En het nieuwe concept, de nieuwe regels, zijn niet zo goed geïmplementeerd als verwacht of gepland. De motor is in orde." Daarmee heeft Schumacher dezelfde mening als personeel van het Oostenrijkse team.
"Racing Bulls lijkt het deze winter eigenlijk bijna beter te hebben gedaan. De auto is zwaar en simpelweg niet goed genoeg. Zelfs Max [Verstappen] kan daar niets aan veranderen. Er is dus veel werk aan de winkel, een lange lijst."
Hoewel de Duitser dus van mening is dat Red Bull grote problemen heeft, aangezien zusterteam Racing Bulls de zaakjes eigenlijk beter op orde heeft aan het begin van het nieuwe F1-tijdperk, weet de zesvoudig Grand Prix-winnaar ook dat er potentie in de RB22 zit. Dat zit er namelijk altijd bij Red Bull. Kijk maar naar 2025...
"We zagen het vorig jaar ook, er was een fase waarin het niet goed ging. En uiteindelijk vochten ze bijna weer om het kampioenschap. Het potentieel is er dus zeker. Er is nog geen reden om de handdoek in de ring te gooien. Dat hoort ook bij het wereldkampioenschap, je moet door dit soort momenten heen bijten."
Lees het artikel op de mobiele website